Bij een traagschuimmatras gaat bijna alle aandacht naar het traagschuim.
Logisch, want dat is de laag die u direct voelt. Het vormt zich naar het lichaam en zorgt voor de drukverdeling waar traagschuim om bekendstaat.
Maar een goed traagschuimmatras bestaat nooit alleen uit traagschuim.
Onder die zachte, vormende laag moet een drager zitten. En die onderlaag is naar mijn mening minstens zo belangrijk voor hoe het complete matras uiteindelijk ligt.
Ik werk inmiddels 28 jaar met traagschuim en heb in die tijd allerlei combinaties gemaakt en geprobeerd. Traagschuim op koudschuim, op andere polyurethaanschuimen, op latexachtige dragers en natuurlijk ook op pocketveren.
Pocketveren met traagschuim kunnen absoluut een goed matras opleveren.
Maar als ik zelf een traagschuimmatras ontwerp, kies ik liever voor een hoogwaardige, veerkrachtige koudschuimdrager.
Niet omdat pocketveren slecht zijn.
Maar omdat ik de combinatie van traagschuim en goed koudschuim technisch logischer vind.
Waarom heeft traagschuim eigenlijk een drager nodig?
Traagschuim is vooral bedoeld voor comfort en drukverdeling.
Het materiaal reageert langzaam op belasting en vormt zich naar het lichaam. Daardoor wordt de druk over een groter oppervlak verdeeld.

Maar alleen een dikke laag zacht traagschuim gebruiken werkt niet.
U zou er veel te diep in kunnen wegzakken en de ondersteuning zou onvoldoende worden.
Daarom bestaat een goed traagschuimmatras uit minimaal twee functionele delen:
bovenin drukverdeling en comfort, daaronder veerkracht en ondersteuning.
Die onderste laag noem ik de drager.
En juist die drager bepaalt voor een belangrijk deel wat er gebeurt als u verder in het matras wegzakt.
Waarom ik graag koudschuim als drager gebruik
Goed koudschuim heeft een eigenschap die ik voor een drager erg belangrijk vind: veerkracht.
Het geeft mee wanneer het wordt belast, maar wil tegelijkertijd weer terug naar zijn oorspronkelijke vorm.
Daardoor kan het de zachtere traagschuimlaag erboven ondersteunen.
U krijgt dan een mooie progressieve opbouw.

Bovenin voelt het matras comfortabel en drukverdelend.
Naarmate u dieper in het matras komt, neemt de ondersteuning toe.
Dat vind ik technisch een heel logische combinatie.
En na 28 jaar matrassen maken blijf ik ervan houden wanneer materialen elkaar aanvullen in plaats van elkaars werk over te nemen.
Kan traagschuim op pocketveren?
Zeker.
Er bestaan uitstekende pocketveringmatrassen met een traagschuim comfortlaag.
Pocketveren reageren individueel op belasting en kunnen daardoor een goede ondersteuning bieden. De open ruimte tussen de veren kan bovendien gunstig zijn voor luchtcirculatie in de kern.
Ik zou dus absoluut niet meer zeggen dat pocketveren en traagschuim een slechte combinatie zijn.
Dat is te kort door de bocht.
De vraag is eerder:
wat voor soort liggevoel en constructie wilt u maken?
Daar begint voor mij de keuze.
Een pocketveer reageert anders dan schuim
Een metalen veer en een blok koudschuim gedragen zich mechanisch verschillend.
Een pocketveer wordt ingedrukt en levert vervolgens veerkracht terug. Iedere veer zit afzonderlijk verpakt, waardoor de veren voor een deel onafhankelijk kunnen bewegen.
Een goede koudschuimkern reageert over zijn hele structuur.

Dat geeft een ander soort ondersteuning.
Ik ervaar een goede schuimdrager vaak als gelijkmatiger onder een traagschuimlaag. Het traagschuim vormt zich bovenin naar het lichaam en daaronder neemt de veerkracht van het koudschuim het geleidelijk over.
Dat samenspel vind ik mooi.
Maar dat is een ontwerpkeuze, geen bewijs dat een pocketveringmatras niet goed kan zijn.
Let bij pocketveren op de randconstructie
Hier zit wel een technisch punt dat consumenten gemakkelijk over het hoofd zien.
Pocketveren kunnen meestal niet zomaar tot helemaal aan de buitenkant van het matras doorlopen zonder dat er een constructie nodig is om de kern stabiel te houden.
Daarom worden pocketkernen vaak voorzien van een randconstructie, bijvoorbeeld van schuim.

De pocketveren worden opgesloten door een rand van schuim.
Hoe breed en stevig die rand is, verschilt per fabrikant.
Bij een slecht ontworpen matras kan zo'n rand duidelijk anders aanvoelen dan het midden van het matras.
Is hij veel harder, dan voelt u bij de rand ineens een ander ligoppervlak.
Is hij juist te zacht, dan kan zitten of liggen dicht bij de rand minder stabiel aanvoelen.
Dat betekent overigens niet dat ieder pocketmatras daardoor tientallen centimeters bruikbaar ligoppervlak verliest.
Een goede fabrikant kan een randconstructie prima ontwerpen.
Maar ik vind het wel iets om op te letten.
Ga bij het proefliggen dus niet alleen keurig midden op het matras liggen.
Ga ook eens dichter bij de zijkant liggen.
En ga op de rand zitten.
Dan voelt u vrij snel hoe de constructie daar reageert.
Is een pocketveringmatras minder hygiënisch?
Hier was ik vroeger veel stelliger over.
Ik schreef dat een pocketveringmatras per definitie minder hygiënisch zou zijn doordat er veel open ruimtes tussen de veren zitten waarin stof zich kan verzamelen.
Zo algemeen zou ik dat nu niet meer zeggen.
Hygiëne wordt door veel meer bepaald dan alleen de matraskern.
Denk aan de tijk, vochtregulatie, ventilatie, wasbaarheid, gebruik van een goede molton en hoe schoon en droog de slaapomgeving wordt gehouden.
Ook een schuimmatras kan na jaren gebruik bepaald niet fris zijn wanneer er slecht mee wordt omgegaan.
Het interessante aan een pocketkern is juist dat er relatief veel open ruimte aanwezig is. Dat kan gunstig zijn voor ventilatie.
Maar open ruimte betekent natuurlijk ook dat stof zich binnen een constructie kan verplaatsen.
Voor mij is dat dus geen reden meer om pocketveren af te wijzen.
Ik kijk liever naar het complete matras.
En hoe zit het met matrassen in ziekenhuizen?
Ook hier wil ik iets rechtzetten.
Dat ziekenhuizen veel met schuimmatrassen werken, betekent niet automatisch dat pocketveren onhygiënisch of ongezond zijn.
Een medisch matras moet aan heel andere praktische eisen voldoen dan een matras thuis.
Het moet bijvoorbeeld gemakkelijk te reinigen zijn, bestand zijn tegen intensief gebruik en vaak gecombineerd kunnen worden met een vloeistofdichte medische hoes.

Daarnaast spelen drukverdeling, infectiepreventie en praktische hanteerbaarheid een belangrijke rol.
Een goed schuimmatras leent zich daar uitstekend voor.
Maar daaruit kun je niet concluderen dat een pocketveringmatras voor thuisgebruik onhygiënisch is.
Na zoveel jaren in dit vak vind ik het belangrijker om dat onderscheid eerlijk te maken dan om een materiaal koste wat kost gelijk te willen geven.
Medisch schuim is ook niet automatisch 'behandeld tegen bacteriën'
Ook daar wordt soms verwarring over veroorzaakt.
Een schuim hoeft niet met antibacteriële of schimmelwerende middelen behandeld te zijn om in een medische matrasconstructie gebruikt te kunnen worden.
Sterker nog, ik ben zelf juist voorstander van zo min mogelijk onnodige chemische toevoegingen in een matras.
Bij medische toepassingen zit de hygiëne voor een belangrijk deel in het totale systeem: de kern, de medische hoes, de naden, reinigbaarheid en het onderhoudsprotocol.
Dat vind ik ook voor consumenten een interessante les.
Een matras wordt niet gezond doordat er allerlei anti-middelen aan worden toegevoegd.
Ik zou juist kritisch zijn op onnodige toevoegingen
Of u nu een pocketvering-, koudschuim-, latex- of traagschuimmatras koopt, ik zou altijd vragen welke materialen en behandelingen zijn gebruikt.
Zijn er brandvertragers toegevoegd?
Is de tijk behandeld met een anti-huisstofmijtmiddel?
Zijn er biociden of anti-bedbugbehandelingen toegepast?
Welke lijm wordt gebruikt?
Niet omdat ieder synthetisch materiaal of iedere chemische stof gevaarlijk is.
Zo simpel ligt het niet.
Maar we liggen iedere nacht urenlang met ons gezicht vlak boven een matras.
Dan heb ik persoonlijk liever een technisch goed ontworpen matras waarbij onnodige toevoegingen achterwege zijn gelaten.
Dat staat overigens volledig los van de vraag of de kern uit pocketveren of schuim bestaat.
Metaal en elektromagnetische straling
Ook hierover schreef ik vroeger behoorlijk stellig.
Mijn gedachte was dat metalen veren als een soort antenne zouden kunnen functioneren en elektromagnetische velden rond het bed zouden beïnvloeden.
Ik zou dat tegenwoordig niet meer gebruiken als argument tegen pocketveren.
Ik ken geen overtuigend bewijs dat slapen op een normaal pocketveringmatras door de metalen veren aantoonbaar ongezond is.
Hetzelfde geldt voor de gedachte dat de beweging van veren in synthetische pockets schadelijke statische elektriciteit zou veroorzaken.
Zonder goed bewijs vind ik dat geen argument waarop iemand zijn matrasaankoop zou moeten baseren.
En eerlijk gezegd vind ik dat ook één van de mooie dingen van 38 jaar in hetzelfde vak zitten.
Je verzamelt niet alleen kennis.
Je moet af en toe ook bereid zijn een oude overtuiging los te laten.
Betekent dat dat ik nu voor pocketveren zou kiezen?
Nee.
Als ik zelf een traagschuimmatras vanaf nul mag opbouwen, kies ik nog steeds liever voor een goede koudschuimdrager.
Maar nu komen we bij de argumenten die voor mij werkelijk tellen.
Ik kan met koudschuim heel nauwkeurig werken met verschillende stevigheden.
Ik kan de veerkracht beïnvloeden.
Ik kan zones aanbrengen.
Ik kan de vorm en profilering veranderen.
Ik kan de ventilatie beïnvloeden door de keuze van het schuim en de constructie.
En ik kan de overgang van een zachte traagschuim comfortlaag naar een stevigere drager heel geleidelijk maken.
Als matrassenmaker geeft mij dat veel vrijheid.
Traagschuim en koudschuim vullen elkaar mooi aan
Dat is uiteindelijk waarom ik deze combinatie zo prettig vind.
Traagschuim en koudschuim doen niet hetzelfde.
En dat is juist goed.
Traagschuim vormt zich langzaam naar het lichaam en verdeelt de druk.
Koudschuim reageert sneller en levert veerkracht en ondersteuning.
Bovenin wilt u dat het lichaam comfortabel wordt opgevangen.
Dieper in het matras wilt u steeds meer draagkracht tegenkomen.
Voor mij is dat een logische progressieve opbouw.
Niet ingewikkeld.
Wel effectief.
Kijk niet alleen naar de bovenste laag
Dit is misschien het belangrijkste advies uit dit artikel.
Wanneer u een traagschuimmatras koopt, vraag dan niet alleen:
Hoeveel centimeter traagschuim zit erin?
Vraag ook:
Wat zit eronder?
Dat materiaal bepaalt namelijk voor een groot deel hoe het matras uiteindelijk ondersteunt.
Een prachtige laag traagschuim op een matige drager levert nog steeds geen prachtig matras op.
Andersom kan een zorgvuldig gekozen traagschuimlaag op een uitstekende drager een bijzonder mooie combinatie opleveren.
Een matras is uiteindelijk een samenwerking tussen materialen.
Na 28 jaar kijk ik vooral naar hoe materialen samenwerken
Misschien is dat wel het grootste verschil tussen hoe ik vroeger naar matrassen keek en hoe ik er nu naar kijk.
Vroeger wilde ik graag bepalen welk materiaal het beste was.
Koudschuim tegenover pocketveren.
Traagschuim tegenover latex.
Metaal tegenover schuim.
Na 28 jaar matrassen maken interesseert die wedstrijd me eigenlijk steeds minder.
Ik wil weten wat een materiaal moet doen.
Waar in het matras zit het?
Hoe reageert het op belasting?
Wat doet het materiaal erboven?
Wat doet het materiaal eronder?
En vooral: hoe ligt de persoon die uiteindelijk op dat hele pakket moet slapen?
Daarom blijft mijn persoonlijke voorkeur bij een traagschuimmatras een goede, veerkrachtige koudschuimdrager.
Niet omdat pocketveren slecht zijn.
Maar omdat ik met kwalitatief koudschuim precies de geleidelijke overgang kan maken die ik in een traagschuimmatras zoek:
zacht en drukverdelend aan de oppervlakte, steeds veerkrachtiger en ondersteunender naarmate u dieper in het matras komt.
Na 28 jaar vind ik dat nog steeds één van de mooiste en meest logische manieren om een traagschuimmatras op te bouwen.